Top of this document
Go directly to navigation
Go directly to page content

verhaal: Ym de Roos

Monniksgier op bezoek

Wij wonen aan de rand van de Oostvaardersplassen en hebben daarmee de mooiste achtertuin van heel Nederland.

Er lopen enige duizenden wilde dieren rond en er zijn altijd veel (trek)vogels. Toen het van de winter zo gesneeuwd had, werden de plassen afgesloten voor het publiek, om de energie van de dieren te sparen, want er was te weinig voedsel voor ze. Er zijn in die week zelfs nog Kamervragen gesteld, om de dieren bij te voederen. Staatsbosbeheer is daar tegen. Als je begint met voederen doorbreek je de natuurlijke rangorde in de kuddes en bovendien hebben de boswachters de ervaring dat de soort zich in de jaren daarna vanzelf herstelt. Ook is de één zijn dood de ander zijn brood; de vossen en roofvogels doen zich tegoed aan de kadavers en die hebben dus geen honger. Er werd dus niet bijgevoederd en ten gevolge daarvan gingen een paar honderd dieren meer dood dan gebruikelijk. Normaliter worden ze door de kadaverdienst van Staatsbosbeheer opgehaald en vernietigd in de kadavercentrale, maar deze winter kon dat niet, omdat men de dieren niet te veel wilde lastigvallen.

Het stonk dus flink in de plassen. Dat rook ook een Monniksgier, die normaliter in Duitsland woont, in een gierenreservaat. Deze knoepert (spanwijdte 3 meter!!!) heeft een geweldige neus en kan kadavers op honderden kilometers ruiken. Wij zaten op zaterdagochtend koffie te drinken en toen zagen we ineens een grote schaduw boven de tuin (leek het wel). Wij dachten eerst aan een zweefvliegtuig of een grote vlieger maar het leek ook erg op een kiekendief maar dan wel heel groot. De vogel verdween richting plassen. Pas de volgende dag hoorden we op de radio dat het een monniksgier was en dat ze Carmen gedoopt was.

In Californië wonen ook monniksgieren. Het zijn slimme vogels en ze kunnen ook heel goed (voor mensen reukloos) gas ruiken. In Californië liggen veel gaspijpleidingen in de buurt van de Andreasbreuk, waar het regelmatig rommelt in de aardkorst. Dan breekt er wel eens zo’n leiding. Men heeft daar een speciaal fokprogramma voor monniksgieren opgezet, waarbij de jonkies aangeleerd wordt om gaslekken op te sporen. Ze cirkelen dan rond het lek (dat voor mensen niet te zien en niet te ruiken is) en duiken exact op de juiste plek naar beneden. De pijpfitters slaan daarna aan het graven en repareren de leiding, want het is 100% prijs. De geslaagde gier wordt beloond met een vers kadavertje. Mooi toch, die samenwerking tussen mens en dier?

Naschrift: Carmen kreeg landelijke bekendheid toen zij in juli 2005 tegen een trein aanvloog en overleed. Onder publieke belangstelling is zij ontleed. Haar botten en veren worden geconserveerd en opgezet, zodat zij ook in de toekomst bewonderd kan worden, vanuit museum Naturalis in Leiden.

Reacties