Top of this document
Go directly to navigation
Go directly to page content

verhaal

Samen groot geworden

Vincent Schot was drie jaar oud toen hij in Almere Haven kwam wonen, middenin een zandbak. Voor een driejarige kan het bijna niet beter. Zandkastelen en hutten bouwen en héél veel speelkameraadjes, dat was Almere. Vincent is nu 35, praktisch net zo oud als Almere. Een stad die met hem mee groeide, net als de speelkameraadjes van toen. “Almere en ik zijn samen groot geworden.”

Vincent komt ze nog vaak tegen, de mensen waar hij mee opgroeide. “Dan sta ik bij De Meester en word ik op mijn rug getikt door een buurjongetje van vroeger. Toch is er een verschil. Als ik tien jaar geleden op zaterdag door de stad liep, kwam ik om de zoveel meter een bekende tegen, dat is nu veel minder. De stad wordt groot, als ik naar een adres in Almere Poort moet, heb ik een kaart nodig. Het is leuk de stad groot te zien worden. Ik woon nog steeds in Haven, een bewuste keuze. Het is er dorpser, groener dan de rest van Almere.” Vertrekken uit Almere is voor Vincent nooit een serieuze optie geweest. “Tijdens een reis van een jaar door Australië, Nieuw Zeeland en Azië heb ik er wel eens over gedacht, had ik het gevoel dat Almere te klein zou zijn om er nog te wonen. Snel na mijn terugkeer kreeg ik de kans bij deze krant te komen werken en na een paar weken wist ik niet beter. En nu zijn we zes jaar verder...”

Inzoomen
‘Deze krant’, dat is Almere Vandaag waar Vincent Chef Redactie is. De keuze voor lokale journalistiek was heel bewust. “Lokale journalistiek is heel leuk omdat het inzoomt op de stad,” zegt Vincent. “Je volgt alles, van sport tot politiek. Ik ken de stad door en door. Soms is het een voordeel dat ik zoveel mensen ken. Soms is het lastig, als mensen die ik ken met iets onbenulligs in de krant willen bijvoorbeeld. Ik heb een tijdje in Hilversum gewerkt, de onderwerpen waren hetzelfde maar de mensen anders. Het was daar toch wat afstandelijker, in Almere zijn de mensen jovialer.”

Een stad als alle andere
Joviaal, korte lijnen, niet lullen maar poetsen. Allemaal eigenschappen die Almere sinds jaar en dag toegedicht worden. Vincent voegt een eigenschap toe: “Klagen,” lacht hij. “Dat is typisch Almeers. Klagen over de stad. Er is te weinig te doen of te veel... En we verontschuldigen ons nog steeds voor het feit dat we in Almere wonen. Ik heb daar zelf helemaal geen last van, ik ben hier opgegroeid en weet niet beter. Ik heb nog wel wensen. Van mij mag er structureel meer te doen zijn. Er zijn wel veel festivals en evenementen maar de popzaal is nog steeds dicht, jammer, want nu moet ik voor concerten de stad uit. En ik hoop ook dat de topsport terugkomt. Wat meer diversiteit zou ook fijn zijn. Alle cafe’s op de Grote Markt zijn hetzelfde met dezelfde muziek en de winkels in het stadshart zijn dezelfde winkels als overal. Van die imagocampagnes over Almere begrijp ik niets. Er wonen hier 200.000 mensen en er komen er steeds meer bij, dan heb je volgens mij geen campagne nodig.. Je kunt hier gewoon lekker wonen en als je dat niet wilt, dan niet. De Volkskrant schrijft dat we de lelijkste stad van het land zijn, nou en? Haal je schouders op. Dat is ook typisch Almeers, vind ik, dat omgekeerde Calimero complex, steeds maar weer vertellen hoe goed het hier wel niet is. De stad is wat het is. Met goede en slechte dingen zoals iedere stad.”

Het gaat om de mensen
“Ik ben opgegroeid met veel ruimte om me heen en die ruimte is er nog steeds. Mijn zoontje van veertien maanden heeft alle ruimte, hij groeit net zo op als ik hier vroeger. Ik voel me verbonden met deze stad. De mensen die me het meest na staan, wonen hier nog steeds. Vrienden waar ik van de basisschool al mee bevriend ben, mijn ouders, mijn broer en zus. Het is de belangrijkste reden dat ik nooit weggegaan ben. Het gaat om de mensen, dat is voor mij het Almere gevoel.”

Interview: Connie Franssen

Bijdragen 
Reacties