Top of this document
Go directly to navigation
Go directly to page content

Een wandeling

Het is een zomerse zondag als ik mijn flat verlaat. Ik heb besloten te gaan wandelen.

Als ik richting Lumierepark lopen twee tienermeisjes voor mij, maar al spoedig laat ik ze achter me. Ik kom veel mensen tegen, die zich blijkbaar hebben voorgenomen om van het mooie weer te genieten. Ze fietsen in een langzaam tempo of lopen door het park. In het gras ligt een moeder met haar zuigeling. Ze troost het kind. Ik loop tussen bomen door, waar twee jongens met een bal spelen. De een zegt tegen de ander:"Pas op! Er komt iemand aan." Ze bedoelen mij. Ik groet ze en loop door hun speelterrein.

Ik heb besloten naar het strandje te lopen. Het is er druk als ik daar aankom. Mensen liggen op het strand of nemen een frisse duik in het water.
Ik loop over de brug het Maurits Bingerpad op. De naam zegt me eigenlijk niets. Terwijl de Filmwijk toch veel straten met roemrijke namen kent. Weer passeer ik fietsers. Ze zijn gekleed in luchtige kleding. De oudste draagt een pet. De zon schijnt en langzaam verschijnen er zweetdruppeltjes op mijn voorhoofd.

Het James Deanpad ziet er verlaten uit, maar als ik het oploop gaat een deur open. Een stel komt naar buiten. De man is bewapend met een emmer, de vrouw draagt een stoffer en blik. Ze lopen naar hun auto. De auto krijgt een beurt. Via het James Deanpad kom ik in weer een andere straat. Ik denk aan de korte carrière die Dean heeft gehad en na een tijdje nader ik een straat die de naam draagt van een filmster die heel wat langer in Hollywood meeliep: James Stewart. Ik besluit deze straat niet in te gaan, maar voor de Hollywoodlaan te kiezen. Ik ben weer op weg naar huis. Al snel kom ik bij mijn flat aan. Wat was dat een heerlijke wandeling!

Reacties