De hazelnoot
10.000 jaar geleden zat een groepje voorouders na een dag van hard werken gezellig te pimpelen op het Zenith op de Evenaar in Almere. Ze waren die dag bezig geweest met het jagen op oerossen en er draaide een kalf aan het spit.
Het rook heerlijk! De moeders hadden net de biezen manden met vis boven water gehaald en op een vuurhaard lagen de spiesjes met vis en kruiden gezellig te spetteren. De kinderen hadden die dag bessen en hazelnoten geplukt. Iedereen rammelde van de honger. Maar het eten was nog niet gaar, dus ze stilden hun lekkere trek alvast met geroosterde hazelnoten. Ze gooiden de doppen op de grond. Er werden stoere verhalen verteld van dappere krijgers en slimme kinderen. Er werd gezongen en gedanst en iedereen at z’n buik helemaal vol. Het was prachtig weer en het bleef die septemberavond lang warm. Het werd een heerlijke feestavond die voortleefde in de overlevering van vertelde herinneringen uit een ver verleden, ook nadat de vloedgolven alles al lang hadden weggeslagen. Hele oude oma´s vertelden later bij een andere vuurhaard over dit prachtige feest en over de vele babies die negen maanden later werden geboren. De volgende dag trokken de jagers-verzamelaars-vissers weer verder. De overgebleven botjes waren verbrand in de vuurhaard en de rest lieten ze gewoon liggen, dat kon nog in die tijd.
10.000 jaar later werden de hazelnootdoppen aangetroffen bij een opgraving op het Zenith. De doppen symboliseren de enorme rijkdom aan archeologische schatten in de Almeerse bodem. Hans Peeters vertelde daarover tijdens de tweede Hazelnootlezing van Historisch Almere op 8 mei 2007. Hans is archeoloog, gespecialiseerd in de vroege prehistorie en hij is gepromoveerd op onderzoek, verricht over de opgravingen bij de A 27 Hoge Vaart. Vanwege een hoog zandduin in deze contreien zijn er in Almere, waar wij nu wonen, eerder mensen geweest. Almere zag er in vroeger tijden steeds anders uit met een wisselend waterpeil en een wisselende flora en fauna. Door opgravingen bij de A 27, in het Homerus kwartier in Poort en op het Zenith op de Evenaar wordt steeds meer bekend over hoe deze mensen leefden. Er zijn pijlpunten aangetroffen en visgerei, er zijn afdrukken van rieten matten gevonden, scherven van gebakken potten en verbrande botten. Ze vonden zelfs een kaak van een lang geleden overleden kind. Lang hebben archeologen gedacht dat potscherven duidden op vaste bewoning (van boeren) maar volgens Hans Peeters gebruikten de jagers-verzamelaars-vissers die potten ook om eten in te vervoeren als ze van plek naar plek trokken.
Over het feest van 10.000 jaar geleden kunnen we alleen maar fantaseren. Maar we kunnen wel een hazelaar aanplanten op het Zenith om onze voorouders te gedenken. Er staat nu een palmboom zielig te verpieteren, dan liever een hazelaar! Wie weet treffen onze nakomelingen dan over 10.000 jaar weer hazelnootdoppen aan.
Reacties
Neil