Boven de kuilen hing spookachtig, blauw TL licht
Dit verhaal speelt zich af precies een jaar geleden in een dorpje in Zuid Afrika. Het is waar gebeurd.
Vorig jaar heb ik een jaar in Kaapstad gewerkt in een tehuis voor jongens.
Omdat mijn nieuwe vriend Ramon niet tegen de gedachte kon dat we een jaar uit elkaar zouden zijn besloot hij zijn studie geneeskunde een jaar stop te zetten en mee te gaan naar Zuid Afrika.Tijdens mijn werk in het tehuis hebben Ramon en ik twee jongens leren kennen, Sebastiaan en Julien, Duitse vrijwilligers. Ramon en ik raakten al snel bevriend met ze.
Omdat we zo vaak samen optrokken, was het een logische beslissing om met ons vieren een paar weken vakantie te gaan houden in Zuid Afrika.We besloten naar Lesotho te rijden en dan via de oostkust weer terug naar Kaapstad. We wilden proberen Lesotho in één dag te bereiken zodat we in Maseru konden overnachten.
Vol goede moed gingen we op pad. Ramon en ik reden om en om. Na zo’n twaalf uur te hebben gereden begon het donker te worden. Omdat Zuid Afrika niet bekend staat als de veiligste plek op aarde besloten we niet door te rijden en een slaapplaats te zoeken dichtbij de grens, zodat we de volgende ochtend meteen door konden rijden naar Lesotho. Zo kwamen we in een klein dorpje dat niet vermeld stond in onze Lonely Planet reisgids. We zochten naar een slaapplaats maar alles was dicht of vol. Raar, omdat het helemaal dorpje uitgestorven leek en totaal geen trekpleister voor toeristen was.
Op een gegeven moment kwamen we bij een groot huis waar een bordje ‘accommodatie’ op de deur stond. Het huis leek ontzettend op het spookhuis uit de Efteling. Na de nodige grappen klopte Ramon aan. Een oude man deed open. Hij had twee honden bij zich. Wij vroegen of hij nog kamers had. Waarop hij heel verbaasd antwoordde dat alle kamers nog vrij waren. Het voelde alsof wij zijn allereerste gasten ooit waren.De man leidde ons via de tuin naar een paar kamers buiten.We liepen langs een berm met prikkeldraad. Achter het prikkeldraad zagen we diepe kuilen. Groot genoeg voor een mensenlichaam. Dat was de associatie die wij meteen allemaal kregen. Ik had op dat moment al genoeg gezien en wilde naar een andere slaapplaats zoeken. De jongens hadden wel zin in een avondje griezelen en zagen overal de humor van in. En aangezien we weinig keus hadden omdat het al laat was en het moeilijk is om überhaupt een dorpje met guesthouses tegen te komen in Zuid Afrika, besloot ik om mijn mond te houden en volgde ik de man. Toen we bij de achtertuin aankwamen, schrokken we alle vier. De tuin lag vol met van diezelfde grote lege kuilen. Buiten was het aardedonker, maar de kuilen hingen TL buizen die blauw, spookachtig licht gaven. Er groeide niks in. Het leken lege graven.
De rest van de avond was ik erg gespannen. Het bleek dat de man een streng onderscheid maakte tussen vrouwen en mannen badkamers. Ik moest dus alleen in een grote badkamer met verschillende toiletten mijn tanden poetsen en douchen.De badkamer was groot en helemaal van steen. Er stonden allemaal douchecabines en kleine toiletten. Nergens zat een slot op een deur. Ook hier hingen felle TL buizen, deze hadden lichtgeel licht. Steeds bleef ik maar naar alle toiletten kijken en de verschillende douchecabines. Ik voelde me heel ongemakkelijk. Ondertussen hield de man Ramon goed in de gaten. Hij wilde geen jongens in de vrouwenbadkamer hebben.
Gelukkig mocht ik wel een kamer met Ramon delen.De kamer was klein. Er stond alleen een groot bed in. Er hing ook een groot gordijn langs de muur. Het eerste wat ik deed was achter het gordijn kijken. Achter het gordijn zat een groot raam en een glazen deur die uitkeken op de enge achtertuin. Ik controleerde de deur, hij zat op slot.
Nadat we het licht uit hadden gedaan was het pikkedonker. Ik hield mijn hand voor mijn gezicht, maar kon mijn hand niet zien zo donker was het. Nadat Ramon mij verzekerd had dat alle deuren op slot zaten en dat hij mij zou beschermen tegen de enge man viel ik in slaap.
Na een paar uur slapen schrok ik wakker. Dit was niet zoals je wel eens in een droom beleeft, dat alles heel echt leek. Ik was echt wakker. Iemand stapte aan mijn kant van het bed in en ging onder de deken liggen. Ik had mijn ogen open maar het zag niks dan duisternis. Ik voelde alleen de dekens open gaan. Ik hield mijn adem in.
Ik voelde de aanwezigheid van een jongen. Ik was verlamd van angst. Ik durfde niet te bewegen.Van binnen voelde ik hevige paniek, van buiten was ik verlamd van de angst. Ik schoof langzaam helemaal tegen Ramon aan naar de andere kant van het bed en maakte Ramon zachtjes wakker. Ik vroeg hem wie die jongen was. Hierop antwoordde hij: “maak je geen zorgen, het is de zoon van de baas".
Dit antwoord had ik niet verwacht. Maar omdat Ramon zo rustig bleef en mij stevig vast pakte, werd ik iets rustiger. Van alles ging door mijn hoofd, hoe kon de zoon van de baas nou zomaar bij ons in bed kruipen. En waarom accepteerde Ramon dit?
Na lang trillend in Ramon zijn armen te hebben gelegen schoof ik voorzichtig mijn hand vooruit om te voelen of de zoon nog in bed lag. Ik voelde alleen maar laken. Ook hoorde ik niks meer.Na nog een oneindig lange tijd in de duisternis te hebben gestaard heb ik uiteindelijk mijn ogen dicht gedaan en ben ik weer in slaap gevallen.
De volgende ochtend begon ik meteen tegen Ramon over de zoon. Hoe belachelijk het was dat Ramon het goed had gevonden dat hij bij ons in bed sliep, en dat ik getraumatiseerd was van het hele incident! Ik had een verschrikkelijke nacht gehad!
Ramon kon zich niks meer herinneren. Dit terwijl hij echt wakker was geweest en mij antwoord had gegeven.Ook vertelde ik het aan Julien en Sebastiaan. De rest van de vakantie had ik het erover. Zij beweerden dat ik het gedroomd moest hebben, maar ik wist heel zeker van niet. Zelf ging ik wel meer en meer geloven dat wat ik had meegemaakt misschien niet om echt mens ging. Ondanks dat ik heel sceptisch ben over dit soort dingen, begon ik zelfs te denken aan een geestverschijning.
Ik wilde ontzettend graag naar het guesthouse bellen om te vragen of de man soms een zoon verloren had. Maar de jongens hielden mij tegen. Dat kon ik volgens hun niet maken.
De rest van de vakantie heeft het door mijn hoofd gespookt. Ondanks dat iedereen zegt dat ik het heb gedroomd, weet ik zelf zeker dat het echt gebeurd is.
Reacties (1)
Reacties (1)
Verhalenwedstrijd
Dit verhaal doet mee in de verhalenwedstrijd 'Eng'