Top of this document
Go directly to navigation
Go directly to page content

10 jaar Stadsboerderij: Jongens, jullie hebben nummer 14...

Een warme ochtend in juni. We zitten buiten in de tuin, omringd door stokrozen. Om ons heen alleen geluiden van de vogels. Stadsboerin Tineke van den Berg kijkt tevreden om zich heen.

“Tien jaar geleden, in juni 1996, kwamen we hier wonen, met onze koeien," vertelt ze. Inmiddels is de Stadsboerderij op landgoed De Kemphaan een begrip in Flevoland. Schoolklassen komen er naar de koeien kijken, Almeerders halen er biologisch vlees, er zijn zelfs collegebesprekingen gevoerd. De Stadsboerderij is niet meer weg te denken uit Almere. Dankzij de bezielde inzet van boeren Tineke en Tom.

“We hebben het in feite gekraakt," zegt Tineke. “De gemeente had gezegd dat er een stadsboerderij mocht komen. Maar er stond een hek om het gebied heen en de gemeente wist niet waar de sleutel was. Het Landelijk Centrum voor Milieuvriendelijk Tuinieren had er gezeten maar was al vier jaar dicht. Het gebied was helemaal verwilderd, een paradijsje! Notenbomen, druiven, bessen, er stond van alles." Tineke pakt het fotoboek erbij en laat foto’s zien van een verwilderd stuk land, met een hek eromheen. Op een andere foto staat man Tom lachend, met een kniptang, klaar om het slot door te knippen. “Wachten op bureaucratie kon niet. We wilden er in juni gaan wonen omdat er een stal voor de koeien moest komen die het najaar klaar moest zijn. We kregen maar geen toestemming omdat we geen huisnummer hadden, om dat te krijgen was en inritvergunning nodig, maar om die aan te vragen — je snapt het al — was een huisnummer nodig. Dankzij Ad Raaijmakers van de gemeente lukte het. Die zei gewoon op een geven moment ‘jongens, jullie hebben nummer 14’. En dat was dat. Die inritvergunning is er geloof ik nog steeds niet…De dag dat hier beton werd gestort voor ons huis, werd Roos geboren. Onze oudste dochter."

“In het paradijsje stond geen huis, we moesten het letterlijk van de grond op bouwen. Kijk, ik had een brievenbus getimmerd met nummer 14 erop, staat er nog steeds. In de periode dat ons huis gebouwd werd, zaten wij hier in een noodwoning." We bladeren door het fotoboek. Shovels, hopen zand, de noodwoning. Onvoorstelbaar dat het er tien jaar geleden zo uitzag. “Kijk, Henk van Kindervakantieland, dat was hier op het erf in het begin. Henk kwam meteen helpen met timmeren. We hadden niets met Almere in het begin. Waren alleen maar bezig die boerderij van de grond te krijgen. We hadden echt het pioniersgevoel. Er kwam hier nooit iemand. Er was wel een werkgroep om de Kemphaan te realiseren maar ik had geen idee dat het zo zou worden als het nu is. Hans Warrink, projectleider van de Kemphaan, zei het tien jaar geleden al vaak: ‘wacht maar tot er iedere zondag honderden mensen langskomen.’ Het heeft tien jaar geduurd voor het bedrijf is geworden wat we wilden. De Stadsboerderij is een manier om mensen kennis te laten maken met het ambacht boer. We willen goed voedsel produceren en mensen laten zien hoe dat gebeurt. Het is zo’n mooi werk, we willen daar heel graag anderen in laten delen. Dat lukt. We zijn nu zo ver dat we niet meer hoeven te bouwen. Het is zo’n beetje klaar en we kunnen nu gaan oogsten wat we in die tien jaar gezaaid hebben."

De Stadsboerderij zit ondanks het succes nog middenin de bureaucratische perikelen. Tineke: “De gemeente erkent het bestaan van de Stadsboerderij als waardevol, de publieksfunctie is duidelijk. We hebben nu het punt bereikt waarop we kunnen zeggen: het is klaar, we hoeven niet meer te bouwen. De mooiste beloning nu zou zijn als we garantie krijgen voor onze grond. We hebben losse perceeltjes gehuurd maar er is geen zekerheid, geen garantie. Iedere vier jaar zitten er weer nieuwe wethouders, een andere burgemeester en kun je opnieuw beginnen. Het is een schande dat het nog niet gelukt is. Oud-wethouder Heleen Visser heeft een collegebesluit voorbereid om de grond te verwerven want Domeinen, van wie de grond is wil dat we het kopen maar doen geen zaken met particulieren. We moesten dus zorgen dat de gemeente de grond kocht. Annemarie Jorritsma zat hier kort na haar benoeming bij een boerenlunch en ze snapte het meteen. Dat besluit kwam er en vervolgens kregen we, zeer recent, te horen dat Domeinen toch niet meewerkt want ‘we verkopen geen grond tegen agrarische waarde’….en de grond voor de marktprijs kopen, dat wordt te kostbaar. Als het nieuwe college op stoom komt, gaan we er weer tegen aan. We hebben alle twee zoiets van we leven nu, zolang we land hebben gaan we door. En de gemeente laat ons niet zakken, daar vertrouwen we op."

Reacties