Top of this document
Go directly to navigation
Go directly to page content

verhaal: Fatma door Connie Franssen

Ik verlang nog altijd naar de Schipperskade

Eerst werken, dan pas je gezin laten overkomen. Veel gastarbeiders die in de jaren ’60 en ’70 naar Nederland kwamen, werden daardoor jarenlang gescheiden van hun gezin.

Ook de Turkse Fatma zag haar ouders jarenlang niet tot ze op haar 14e, 29 jaar geleden, met ze herenigd werd in Hilversum. In 1977 kwam de familie de brug over en werd Almere haar tweede thuis. Hoewel…

“Ik wilde helemaal niet weg uit Turkije, vertelt Fatma. “Ik moest weg van mijn jongere broers en zusjes, van mijn familie, vrienden, school naar een land dat ik niet kende. In Hilversum ging ik natuurlijk ook naar school, ik zat in een klas met alleen maar buitenlandse kinderen. Apart gezet omdat we geen Nederlands spraken, het sloeg nergens op, in mijn klas zaten ook Marokkaanse, Griekse en Italiaanse kinderen. Niemand verstond elkaar. Vreselijk vond ik die periode. Ik voelde me zo eenzaam, Nederland was een gevangenis. Na een half jaar weigerde ik nog naar school te gaan. Inspectie aan de deur, politie, maar ik wilde echt niet meer. Toen ik 16 was, ben ik gaan werken en op mijn 19e ben ik getrouwd. In 1977 verhuisden we naar Almere, naar de Schoolwerf. Kleine huisjes maar wel gezellig. Daar voelde ik me beter. Haven is rustig, mensen kennen elkaar. Dat was fijn. Twee zoons zijn er daar geboren."

“Begin jaren ’80 zijn we verhuisd naar de Schipperskade in Stad. Dat was de leukste periode in Almere. Het was een fijn huis met een mooi uitzicht in een leuke buurt. We kenden iedereen, de buren daar hadden heel veel contact met elkaar. Koffie drinken, verjaarsvisite, voetbalwedstrijden kijken, we deden het allemaal samen. Het was erg jammer dat de Schipperskade afgebroken werd, heel erg vond ik dat. We zijn toen via de Kruidenwijk en Seizoenenbuurt uiteindelijk in de Regenboogbuurt terecht gekomen. Ik vind het in deze buurt niet fijn. Ik voel me erg alleen, ik ken niemand en alle winkels zijn ver weg. Even winkelen, kan niet. Mijn zonen zijn echte Almeerders maar ik maak me zorgen. Ze zijn altijd weg, altijd hangen met vrienden. Ik ben bang dat ze op het verkeerde pad komen."

“Onze buren van hiernaast maakten altijd heel veel herrie, met de deuren slaan, schreeuwen, huilen. Politie voor de deur, altijd gedoe. In 1999 gingen we naar Turkije op vakantie, toen kwam de grote aardbeving. Ik kan er niet over praten, het was vreselijk wat we gezien hebben. Terug in Almere kon ik dat lawaai van de buren niet meer verdragen, ik was zo bang. Iedere keer als ik ze hoorde schreeuwen, moest ik weer denken aan de aardbeving. Gelukkig zijn ze nu weg.
We hebben familie in Stad wonen, daar wil ik ook weer naartoe. Je buren zijn zo belangrijk. Hier groeten we elkaar wel, maar er is verder geen enkel contact. Ik verlang eigenlijk nog altijd naar de Schipperskade."

Reacties