WvdG - Frank Rosenberg - Mooie plek. Foto: Geert van Wijk
“Iedereen kent elkaar hier, de samenhang is groot. Elk jaar is er een buurtbarbecue. Dit jaar was die extra groot en feestelijk want de buurt bestaat 25 jaar. Er woonden hier een stuk of zes kinderen van mijn leeftijd en ik heb twee oudere broers. We zijn samen opgegroeid. Almere Haven is mijn plek. Ik ken er iedere steen, elk steegje. Mijn hele leven loop en fiets ik er al doorheen.
Na de basisschool ben ik naar de HAVO gegaan op de Meergronden. Alles met je hoofd, dat was niet helemaal mijn ding. Daar heb ik het zitvlees niet voor. Ik doe nu een techniekopleiding aan het ROC in Hilversum. Dat past veel beter bij me. Maar die periode op de HAVO, dat was moeilijk. Gedoe met de leerplicht. Als iets me niet interesseert, wordt het heel moeilijk voor me. In die periode ben ik rust gaan zoeken.”
Overzicht
“Ik heb iets met water, met ruimte. Ik doe al jaren aan windsurfen. De Gooimeerdijk, dat is sinds een paar jaar echt mijn plek, het deel tussen het centrum en Eemhof. Ik ben heel druk van mezelf dus ik ga naar plekken zie me rust bieden. De drukte van de stad, daar hou ik niet zo van. Op de dijk, het geluid van het water op de rotsen, de ruimte, het water, wind om je kop. Prachtig. Dan kan ik echt bij mezelf komen. Je kunt het vergelijken met meditatie, het is een plek waar mijn hoofd leeg wordt. Als ik dingen moeten overdenken of ergens mee in de knoop zit, vind ik daar rust. Ik doe aan windsurfen dus ik heb sowieso veel met water. Het is heel prettig. Dat wil ik ook graag met meerdere mensen delen dus ik vraag regelmatig iemand mee. Dan heb ik echt goede gesprekken. De schemering vind ik het mooiste. Je kijkt uit naar het westen, de zon zakt, het wordt stil. Rust. Als ik het een tijdje niet doe, ga ik het missen.”
Overval
“Er is een plek in de stad die ik naar vind. Bij de Postbank in Haven. Vlakbij de Meergronden. Na de intocht van Sinterklaas twee jaar geleden gingen mijn neef en twee vrienden van me daar ’s avonds pinnen. Een van mijn vrienden is toen neergestoken door een jongen die geld wou. Heel naar. Het is gelukkig goed afgelopen, al was het kantje boord. Iedere keer als ik daar langskom, denk ik daar aan.”