Er kan me niks gebeuren
verteller:
Joop Lammerts van Bueren
2003 - 2007 / Literatuurwijk (Almere Stad)
De Archipel is een vernieuwend woonzorgcentrum in de Almeerse Literatuurwijk. Bewoners van de Archipel – ouderen en mensen die in meer of mindere mate zorg nodig hebben – hebben een breed aanbod diensten tot hun beschikking. Van kapper tot verpleegkundige zorg tot a la carte restaurant. Zelfstandig kunnen blijven wonen, is het uitgangspunt. Het centrum, een ontwerp van architecten Loof & Van Stigt, weerspiegelt die missie. Hart van de Archipel, dat in 2003 werd geopend, zijn het gezondheidscentrum en het restaurant, die allebei een wijkfunctie hebben. In het grote, lichte restaurant praat ik met bewoner Joop Lammerts van Bueren. Joop verhuisde vier jaar geleden vanwege een ernstige longaandoening naar de Archipel.
Foto Geert van der Wijk
"Het is hier goed wonen," zegt Joop. "Maar je verhuist hier niet voor je lol heen. Mijn longaandoening verergerde, ik kon steeds minder. Ik moest stoppen met werken, kon mijn huis niet meer bijhouden. Dat ging vrij drastisch, van gezond naar hartstikke benauwd. Vreselijk. Ik woonde al vanaf 1979 heerlijk in Almere Haven. Het buurtje was een soort vriendenclub. Maar het ging niet meer. Ik dacht: waar mijn boeken en schilderijen staan, daar is mijn huis. Toen ben ik hier naartoe verhuisd. Het was een enorme overgang, maar het ergste drama had ik al verwerkt. Ik heb hier een mooi appartement en natuurlijk ben ik hier weer volop actief," grijnst Joop. "In het centrum en in de wijk."
Strijdbaar
Joop is voormalig wethouder in Almere, nog steeds actief in de PvdA en professioneel bemoeier in de goede zin van het woord. In no time werd hij door de locatiemanager benaderd om in de Cliëntenraad te gaan zitten. Joop: "Dan wil ik wel voorzitter worden, niets anders’ zei ik. En er is zat te doen. Zelfs hier. Dat strijdbare is er nog volop. Krijgen we zo’n cliëntentevredenheidsonderzoek. Alleen het woord al…Pakken papier. Of de nieuwe Wet maatschappelijke ondersteuning. Nog meer papier. En ik zie hier van binnenuit waar de praktijk om vraagt, wat er nodig is. Waar zijn we mee bezig, denk ik dan. Ondanks mijn strijdbaarheid heb ik nooit conflicten. Ik kan hoofd en bijzaken veel beter van elkaar scheiden dan vroeger. Ga er niet meer vol in, graag of niet, denk ik dan. Door mijn ziekte geniet ik veel intenser, besef alles veel beter. Niet zo van dat het elke dag over kan zijn, maar meer van ‘wat een geluk’. Dat ik hier nu zit, met jou in het zonnetje. Geluk. Dat breng ik over, anderen voelen dat ook. Er kan me niks gebeuren."
Open en beschut tegelijk
"Ik woon hier lekker, alles is bij de hand. Ik eet regelmatig hier in het restaurant.Het is gewoon open voor iedereen, niet alleen voor Archipel bewoners. En daar aan de overkant woont mijn moeder. Die is 92 en dementerend, ze woont in een speciale eenheid voor dementerenden. Als ze erg onrustig is, ga ik even bij haar langs en kalmeert ze weer. Ze woont aan een binnentuin met een paar andere ouderen en verzorging. Er is een gezamenlijke huiskamer, de tuin en een eigen kamer. Ideaal. Kom op, gaan we haar even opzoeken." Wandelend door het gebouw is het opvallend hoeveel mensen Joop kent, hij wordt voortdurend aangesproken. "Zelfs als er een scootmobiel kapot is, weten ze me te vinden….Kijk, daar is de binnentuin. Ik ben daar met een vriend van me bezig een dierenverblijf in te richten met geiten en schildpadden. Het gezondheidscentrum grenst ook aan de binnentuin, dus dan hebben de kinderen iets te doen tijdens het wachten. En het is voor de dementerenden leuk." We lopen binnen bij moeder, die aan tafel zit met andere ouderen. De sfeer is huiselijk. Dat geldt ook voor de afdeling waar mensen verblijven die fysieke verzorging nodig hebben. Het gebouw voelt open en beschut tegelijk. We lopen naar de lift op weg naar zijn appartement dat verrassend ruim en licht blijkt. Helemaal niet het gevoel van een verzorgingshuis. Alleen het aantal scootmobielen dat in de gang staat, verraadt dat we in een zorgcentrum lopen. "Ik woon hier perfect," zegt Joop bij het afscheid. "Maar als ik een nieuwe long krijg, ga ik toch verhuizen. Ik ben hier veel te veel betrokken bij alles."
|
|
 1997 / Stedenwijk (Almere Stad)  Ooit las ik een artikel van Guus Middag met daarin deze zin. Hij had het over Willem Emmens die nooit iets meemaakte, maar toen op een dag plotseling, bij het turfsteken een hoofd vond. Het was het hoofd van het meisje van Yde. Lilian Blom
 2000 - 2007 / Regenboogbuurt (Almere Buiten) "Ik ben zo blij met m’n huissie," verzucht mevrouw Hoekstra terwijl ze plaatsneemt aan de keukentafel. Het huissie, dat is een huurhuis in de Regenboogbuurt met uitzicht op de Paarlemoervijver. We hebben 31 jaar in Tuindorp Oostzaan gewoond, in een houten poppenhuisje, je kon er je kont niet keren, zo klein. Wij waren er gewend aan. Kijk, we zijn allemaal nogal grofgebouwd dus ik had altijd blauwe plekken omdat ik overal tegenaan botste. Maar we hebben er heerlijk gewoond. De kinderen sliepen op de overloop. Ik was niks gewend, ook als kind niet. Ik groeide op in de Pijp, in de Govert Flinck. Piepklein met een groot gezin. Tuindorp was een paradijsje voor me." Connie Franssen, Mevrouw Hoekstra
 1989 - 2005  Zestien jaar geleden ben ik gescheiden en uit Brabant vertrokken om een nieuw leven op te bouwen. Na acht maanden in Amsterdam te hebben gewoond sta ik letterlijk op straat. Alleen, moederziel alleen. José Joosten
 1995 - 2005 / Verzetswijk (Almere Stad) Dit verhaal is gebaseerd op de bijdrage van Witho Worms in de introductiefilm van het Geheugen van Almere. Witho Worms
 1981 - 2006 / Centrum (Almere Haven) Een zaterdagmiddag in juni bij Boekhandel Dekter in Haven. Het is de dag voor vaderdag en het is gezellig druk. Hanneke en Eric Dekter kennen veel van hun klanten en regelmatig sturen ze iemand naar me toe die aan de grote tafel aanschuift om zijn of haar Almere verhaal te vertellen. Connie Franssen, Nel Ploos van Amstel
 2005 / Bouwmeesterbuurt (Almere Buiten) Derde en laatste verhaal over de nieuwe Lidl aan het Van Eesterenplein. Een ontmoeting. Annemarie Beeker
 Mevrouw Lindemans staat me op de galerij op te wachten, een kleine, frêle vrouw. Haar arm in het gips na een val op het balkon. Het appartement staat vol foto’s, snuisterijen, knuffels. Mevrouw Lindemans (79) en haar man zijn in 1981 van Amsterdam naar Almere verhuisd. De Klipgriend was het eerste adres, in 1999 is mevrouw Lindemans naar de Sluis verhuisd. Alleen, want haar man is in 1993 overleden. Connie Franssen, Mevrouw Lindemans
 1984 - 2006 / De Wierden (Almere Haven) Nel van Ringelenstijn (1948) werd in de Bethaniestraat in Amsterdam geboren. Daar woonde ze tot haar 7e verjaardag.In Amsterdam-Oost, in de Reinwardtstraat, groeide zij met haar broer en zus op. Haar moeder was huisvrouw en haar vader werkte 40 jaar bij de Stadsreiniging. De Dapperbuurt was een leuke buurt, een arbeidersbuurt. Rein Aardema, Nel van Ringelenstijn
 1980 - 1992 / De Marken (Almere Haven) Eind september 1980 zijn mijn man en ik met ons zoontje van 6 maanden in Almere-Haven komen wonen, op de Noordmark: koophuizen, met daarbij een eigen buurthuis. Gerda van Hekken
|